Pulse · Documents · Belgium · Chamber of Representatives (Belgium)

Bill amending the Belgian Code of Economic Law regarding protection against deepfakes

Wetsvoorstel tot wijziging van het Wetboek van economisch recht voor wat betreft de bescherming tegen deepfakes.

law / bill 2026-09-07 38 374 characters versions: 2 Artificial intelligenceIntellectual property in the digital environment
No translation Download On the source site Original file
Current version. Last change recorded on 2026-09-17.

WETSVOORSTEL

Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.

Art. 2

Artikel I.16, § 1, van het Wetboek van economisch recht, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014 en laatstelijk gewijzigd bij wet van 1 april 2022, wordt aangevuld met een bepaling onder 9°, luidende:

“9° Deepfake: een beeld-, audio- of videofragment dat met behulp van artificiële intelligentie (AI) wordt gegenereerd of gemanipuleerd en dat een zodanige gelijkenis vertoont met een levende of overleden natuurlijke persoon dat het ten onrechte als authentiek of waarheidsgetrouw aanzien kan worden.”

Art. 3

In Boek XI, Titel 5, Hoofdstuk 3, van het Wetboek van economisch recht wordt een afdeling 1/1 ingevoegd, luidende “Bepalingen betreffende de naburige rechten op eenieder zijn beeltenis en stem”.

Art. 4

In afdeling 1/1, ingevoegd bij artikel 3, wordt een artikel XI.203/1 ingevoegd, luidende:

“Art. XI.203/1.

§ 1. Iedere natuurlijke persoon heeft een onvervreemdbaar moreel recht op zijn beeltenis en stem.

De globale afstand van de toekomstige uitoefening van dat recht is nietig.

Niettegenstaande enige afstand behoudt iedere natuurlijke persoon het recht om zich te verzetten tegen elke vervaardiging, reproductie, distributie of mededeling aan een publiek van een deepfake die zijn eer of zijn reputatie kan schaden.

§ 2. Iedere natuurlijke persoon heeft het exclusief recht om de exploitatie van een deepfake waarin zijn beeltenis of stem wordt gebruikt, toe te staan of te verbieden.

Dit recht omvat inzonderheid:

1° le droit d’autoriser ou d’interdire la réalisation d’un hypertrucage de son image ou de sa voix;

2° le droit d’autoriser ou d’interdire la reproduction d’un hypertrucage de son image ou de sa voix, que ce soit de manière directe ou indirecte, provisoire ou permanente, en tout ou en partie;

3° le droit d’autoriser ou d’interdire la distribution d’un hypertrucage de son image ou de sa voix, y compris d’en autoriser ou d’en interdire la vente, la location ou le prêt;

4° le droit d’autoriser ou d’interdire la communication d’un hypertrucage de son image ou de sa voix au public par un procédé quelconque, y compris par la mise à disposition du public de manière que chacun puisse y avoir accès de l’endroit et au moment qu’il choisit individuellement.

§ 3. Les articles XI.209 à XI.214 s’appliquent mutatis mutandis à l’hypertrucage de l’image ou la voix d’une personne physique, réalisé avec son consentement et destiné à contribuer à la production de phonogrammes et des premières fixations de films au sens de l’article XI.209.

§ 4. Les droits visés aux §§ 1er et 2 qui reviennent à toute personne physique expirent cinquante ans après le décès de celle-ci.

§ 5. Après le décès de la personne physique, les droits visés au § 1er sont exercés par ses héritiers ou légataires, à moins qu’elle n’ait désigné une personne à cet effet.

Après le décès de la personne physique, les droits visés au § 2 sont exercés par ses héritiers ou légataires, à moins qu’elle ne les ait attribués à une personne déterminée, compte tenu de la réserve légale qui revient aux héritiers.

§ 6. Les droits visés au § 2 ne sont pas violés:

1° si la personne physique, dont l’image ou la voix est utilisée, ou son ayant droit, a donné son consentement;

2° si l’hypertrucage est utilisé à des fins de parodie, de satire ou de critique sociale, pour autant, eu égard à toutes les circonstances propres au cas visé, qu’un juste équilibre soit garanti entre le droit au respect de l’image et de la voix de la personne physique visée et la liberté d’expression, et que cet usage ne constitue

1° het recht om de vervaardiging van een deepfake van zijn beeltenis of stem toe te staan of te verbieden;

2° het recht om de reproductie van een deepfake van zijn beeltenis of stem geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of duurzaam, direct of indirect toe te staan of te verbieden;

3° het recht om de distributie van een deepfake van zijn beeltenis of stem, met inbegrip van de verkoop, de verhuur of de uitlening, toe te staan of te verbieden;

4° het recht om een deepfake van zijn beeltenis of stem, volgens om het even welk procédé, met inbegrip van de beschikbaarstelling voor het publiek op zodanige wijze dat deze voor leden van het publiek op een door hen individueel gekozen plaats en tijd toegankelijk zijn, aan het publiek mede te delen, toe te staan of te verbieden.

§ 3. Op de deepfake van de beeltenis of de stem van een natuurlijke persoon, die met zijn toestemming is vervaardigd en die bestemd is als bijdrage voor de totstandkoming van fonogrammen en van de eerste vastleggingen van films zoals bedoeld in art. XI.209, zijn de artikelen XI.209 tot en met XI.214 overeenkomstig van toepassing.

§ 4. De rechten, bedoeld in paragrafen 1 en 2, die elke natuurlijke persoon toekomen, vervallen vijftig jaar na zijn overlijden.

§ 5. De rechten, bedoeld in paragraaf 1, worden na het overlijden van de natuurlijke persoon, uitgeoefend door zijn erfgenamen of legatarissen, tenzij hij daartoe een welbepaald persoon heeft aangewezen.

De rechten, bedoeld in paragraaf 2, worden na het overlijden van de natuurlijke persoon, uitgeoefend door zijn erfgenamen of legatarissen, tenzij hij ze aan een bepaald persoon heeft toegekend, met inachtneming van het wettelijk voorbehouden erfdeel dat aan de erfgenamen toekomt.

§ 6. Er is geen sprake van de schending van de rechten bedoeld in paragraaf 2:

1° indien toestemming werd verleend door de natuurlijke persoon, of diens rechtsopvolger, wiens beeltenis of stem wordt gebruikt;

2° indien de deepfake wordt aangewend voor doeleinden van parodie, satire of maatschappijkritiek, voor zover, rekening houdend met alle omstandigheden van het geval, een billijk evenwicht wordt gewaarborgd tussen het recht op eerbiediging van de beeltenis en de stem van de betrokken natuurlijke persoon en de vrijheid van pas une atteinte disproportionnée à l’honneur et à la réputation de cette personne.

§ 7. Lorsqu’une personne physique, ou son ayant cause, cède ou donne sous licence les droits visés au § 2, elle a le droit de percevoir une rémunération appropriée et proportionnelle, fondée sur la valeur économique de l’exploitation de l’hypertrucage.

§ 8. Les contrats relatifs aux droits visés au § 2 se prouvent par écrit.

Les dispositions contractuelles relatives à ces droits et à leurs modes d’exploitation sont de stricte interprétation.

La cession du support qui contient un hypertrucage n’emporte pas le droit d’exploiter cet hypertrucage.

Pour chaque mode d’exploitation, la rémunération, l’étendue et la durée de la cession ou de la licence doivent être déterminées expressément.

La personne à qui les droits ont été cédés ou le preneur de licence assure l’exploitation de l’hypertrucage conformément aux usages honnêtes de la profession.

Nonobstant toute disposition contraire, la cession des droits ou l’octroi d’une licence concernant des formes d’exploitation encore inconnues est nulle.

La cession ou la licence des droits patrimoniaux relatifs à des prestations futures n’est valable que pour un temps limité et pour autant que les genres de prestations sur lesquels porte la cession ou la licence soient déterminés.

§ 9. Lorsqu’une personne physique autorise la création ou l’utilisation d’un hypertrucage de son image ou de sa voix en exécution d’un contrat de travail ou d’un statut, les droits patrimoniaux peuvent être cédés ou donnés en licence à l’employeur pour autant que la cession ou la concession des droits soit expressément prévue et que la création ou l’utilisation de l’hypertrucage entre dans le champ du contrat ou du statut.

edits: 1

Lorsqu’une personne physique autorise la création ou l’utilisation d’un hypertrucage de son image ou de sa voix en exécution d’un contrat de commande, les droits patrimoniaux peuvent être cédés ou donnés sous licence à celui qui a passé la commande pour autant que l’activité de ce dernier relève de l’industrie non culturelle ou de la publicité, que l’hypertrucage soit destiné à cette meningsuiting, en dit gebruik geen onevenredige afbreuk doet aan diens eer of reputatie.

§ 7. Wanneer een natuurlijke persoon, of diens rechtsopvolger, de rechten bedoeld in paragraaf 2, overdraagt of in licentie geeft, heeft hij recht op een passende en evenredige vergoeding, rekening houdend met de economische waarde van de exploitatie van de deepfake.

§ 8. Contracten met betrekking tot de rechten bedoeld in paragraaf 2, worden schriftelijk bewezen.

De contractuele bedingen met betrekking tot deze rechten en de exploitatiewijzen ervan worden restrictief geïnterpreteerd.

De overdracht van een drager die een deepfake bevat, leidt niet tot het recht op exploitatie van die deepfake.

Voor elke exploitatiewijze wordt de vergoeding, de reikwijdte en de duur van de overdracht of licentie uitdrukkelijk bepaald.

De verkrijger van de rechten of de licentienemer exploiteert de deepfake overeenkomstig de eerlijke beroepsgebruiken.

De overdracht van de rechten of de verlening van een licentie betreffende nog onbekende exploitatievormen is nietig, niettegenstaande enige daarmee strijdige bepaling.

De overdracht of de licentie van de vermogensrechten betreffende toekomstige prestaties geldt slechts voor een beperkte tijd en voor zover het genre van de prestaties waarop de overdracht of de licentie betrekking heeft, is bepaald.

§ 9. Wanneer een natuurlijke persoon in het kader van een arbeidsovereenkomst of een statuut toestemming verleent voor de vervaardiging of het gebruik van een deepfake van zijn beeltenis of stem, kunnen de vermogensrechten worden overgedragen of in licentie worden gegeven aan de werkgever, voor zover uitdrukkelijk in die overdracht of licentieverlening is voorzien en voor zover de vervaardiging of het gebruik van de deepfake binnen het toepassingsgebied van de arbeidsovereenkomst of het statuut valt.

Wanneer een natuurlijke persoon in het kader van een bestelling toestemming verleent voor de vervaardiging of het gebruik van een deepfake van zijn beeltenis of stem, kunnen de vermogensrechten worden overgedragen of in licentie gegeven aan degene die de bestelling heeft geplaatst, voor zover deze laatste een activiteit uitoefent in de niet-culturele sector of in de reclamewereld, de activité et que la cession ou la licence des droits soit expressément prévue.

Dans ces cas, le § 8, alinéas 4 à 7 ne s’applique pas.

§ 10. Sans préjudice des articles XI.332 et XI.333, le juge peut, en cas d’urgence, imposer les mesures provisoires ou conservatoires requises en vue d’empêcher toute infraction aux droits visés par le présent article ou d’y mettre fin. Ces mesures peuvent notamment consister à saisir les supports et à bloquer les comptes ou les domaines dont les services servent à commettre cette infraction.

§ 11. Sans préjudice des articles XI.334 et XI.342, le juge peut ordonner, à la demande de l’ayant droit, toute mesure appropriée en vue d’empêcher toute infraction aux droits visés dans le présent article ou d’y mettre fin, notamment la suppression immédiate du contenu ou l’impossibilité d’y accéder à partir des résultats de la recherche des services de recherche en ligne.

Sans préjudice du règlement (UE) 2022/2065, les intermédiaires en ligne qui enregistrent ou transmettent des informations et qui proposent leurs services aux utilisateurs belges, exécutent sans délai les mesures imposées par le juge.

§ 12. Sans préjudice des articles IX.335 et XI.336, l’ayant droit peut demander une réparation du préjudice qui découle d’une infraction aux droits visés dans le présent article, y compris le paiement des bénéfices réalisés par l’auteur de l’infraction à cette occasion.”

17 juillet 2026 deepfake voor die activiteit bestemd is en uitdrukkelijk in die overdracht of licentieverlening is voorzien.

In die gevallen is paragraaf 8, vierde tot zevende lid, niet van toepassing.

§ 10. Onverminderd de artikelen XI.332 en XI.333 kan de rechter, in geval van spoedeisendheid, de nodige voorlopige of bewarende maatregelen opleggen om een inbreuk op de in dit artikel bedoelde rechten te verhinderen of te beëindigen. Die maatregelen kunnen onder meer bestaan uit het leggen van beslag op dragers en het blokkeren van accounts of domeinen waarvan de diensten worden aangewend om een dergelijke inbreuk te plegen.

§ 11. Onverminderd de artikelen XI.334 tot XI.342 kan de rechter, op vordering van de rechthebbende, iedere passende maatregel bevelen om een inbreuk op de in dit artikel bedoelde rechten te beëindigen of te voorkomen, waaronder de onmiddellijke verwijdering en het ontoegankelijk maken ervan via de zoekresultaten van online zoekdiensten.

Onverminderd Verordening (EU) 2022/2065 voeren online tussenpersonen die informatie opslaan of doorgeven en hun diensten aan het Belgische publiek aanbieden, de door de rechter opgelegde maatregelen onverwijld uit.

§ 12. Onverminderd de artikelen XI.335 en XI.336 kan de rechthebbende een vergoeding vorderen van de schade die voortvloeit uit een inbreuk op de in dit artikel bedoelde rechten, met inbegrip van de uitbetaling van de winst die de inbreukmaker door die inbreuk heeft verkregen.”

17 juli 2026

Leentje Grillaert (cd&v) Steven Matheï (cd&v)

Centrale drukkerij - Imprimerie centrale