{"check":null,"uid":"9dd22fb6ef9fbeed","title":"ECLI:NL:RBROT:2026:8975 Rechtbank Rotterdam , 06-07-2026 / 10-156385-23 en 10-054078-25 (gevoegd ttz) Strafrecht","title_generated":false,"country":"Нидерланды","organ":"Суды Нидерландов (Rechtspraak)","kind":"case","kind_name":"Судебная практика","lang":"nl","date":"2026-07-06","summary":"Обвинение вменяло соучастие в покушении на убийство, оружие и хранение полученных через Telegram «лид-листов» с персональными данными третьих лиц. По ст. 234 УК Нидерландов суд освободил подсудимого от ответственности: после имплементации директивы (ЕС) 2019/713 состав охватывает такие данные лишь при их связи с получением безналичного платёжного средства, а этого признака обвинение не описало — деяние доказано, но не квалифицируется. Осуждение состоялось по ст. 139g УК: приобретение непубличных данных, о преступном происхождении которых следовало догадываться. Назначено шесть лет лишения свободы; телефон, 14 SIM-карт и компьютер конфискованы.","snippet":"","topics":["Персональные данные"],"status":"ok","error":"","text_len":26330,"versions":1,"url":"https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI%3ANL%3ARBROT%3A2026%3A8975","first_seen":"2026-08-19","last_checked":"2026-09-17 01:56","relevance":"hit","score":15,"query":"","source_key":"rechtspraak","verdict":{"relevance":"hit","score":15,"topics":["Персональные данные"],"need_body":3,"authorities":[],"evidence":[{"topic":"Персональные данные","term":"персональн данн","weak":false,"pos":225,"ctx":"астие в покушении на убийство, оружие и хранение полученных через telegram «лид-листов» с персональными данными третьих лиц. по ст. 234 ук нидерландов суд освободил подсудимого от ответственности: посл","zone":"название","weight":3},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":777,"ctx":"k heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van leadslijsten met persoonsgegevens van derden terwijl hij moest vermoeden dat deze van een misdrijf afkomstig waren en een p","zone":"текст","weight":1},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":1390,"ctx":"ie (zaak met parketnummer 10-156385-23) en aan het voorhanden hebben van leadslijsten met persoonsgegevens van derden bestemd tot het plegen van een misdrijf als genoemd in artikelen 310, 311, 312","zone":"текст","weight":1},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":1598,"ctx":"n 326 van het wetboek van strafrecht (hierna: sr), subsidiair heling van deze lijsten met persoonsgegevens en een poging tot het overdragen van twee vuurwapens (zaak met parketnummer 10-054078-25)","zone":"текст","weight":1},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":3390,"ctx":"weten (onder meer)  *(bestand(en) met leads (lijsten), elk bevattende een (groot) aantal persoonsgegevens van derden heeft ontvangen, zich heeft verschaft, overgedragen, verworven, vervoerd, inge","zone":"текст","weight":1},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":4065,"ctx":"gegevens, te weten:  *(bestand(en) met leads (lijsten), elk bevattende een (groot) aantal persoonsgegevens van derden via telegram heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdac","zone":"текст","weight":1},{"topic":"Персональные данные","term":"persoonsgegevens","weak":false,"pos":5204,"ctx":"ook kan bewezen worden verklaard het medeplegen van het voorhanden hebben van lijsten met persoonsgegevens van derden en het medeplegen van een poging tot het overdragen van twee vuurwapens (zaak","zone":"текст","weight":1}],"dropped":[]},"last_changed":"2026-08-20","meta":{"ecli":"ECLI:NL:RBROT:2026:8975","instantie":"Rechtbank Rotterdam","zaaknummer":"10-156385-23 en 10-054078-25 (gevoegd ttz)","type":"Uitspraak","inhoudsindicatie":"De verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan een poging tot moord en het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie. Ook heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van leadslijsten met persoonsgegevens van derden terwijl hij moest vermoeden dat deze van een misdrijf afkomstig waren en een poging tot het overdragen van twee vuurwapens. Aan de verdachte wordt een gevangenisstraf van zes jaar met aftrek van voorarrest opgelegd."},"source_url":"https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI%3ANL%3ARBROT%3A2026%3A8975","text":"Rechtbank Rotterdam\n\nZittingsplaats Rotterdam\n\nMeervoudige kamer strafzaken\n\nParketnummers: 10-156385-23 en 10-054078-25 (gevoegd ttz)\n\nDatum uitspraak: 6 juli 2026\n\nDatum zitting: 22 juni 2026\n\nTegenspraak\n\nVerdachte:\n\n[verdachte] ,\n\ngeboren op [geboortedatum] 2004 in [geboorteplaats] ,\n\ningeschreven op het adres: [adres] , [postcode] [woonplaats] .\n\nAdvocaat van de verdachte: mr. G.R. Stolk\n\nOfficier van justitie: mr. B. Lijnse\n\nBenadeelde partij: [benadeelde]\n\nAdvocaat van de benadeelde partij: mr. L.A.R. Newoor\n\nKern van het vonnis\n\nDe verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan een poging tot moord en het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie. Ook heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van leadslijsten met persoonsgegevens van derden terwijl hij moest vermoeden dat deze van een misdrijf afkomstig waren en een poging tot het overdragen van twee vuurwapens. Aan de verdachte wordt een gevangenisstraf van zes jaar met aftrek van voorarrest opgelegd.\n\n1\nTenlastelegging\n\nDe officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij zich, samengevat, schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van een poging tot moord/doodslag, subsidiair een bedreiging met een vuurwapen en aan het voorhanden hebben van een vuurwapen met munitie (zaak met parketnummer 10-156385-23) en aan het voorhanden hebben van leadslijsten met persoonsgegevens van derden bestemd tot het plegen van een misdrijf als genoemd in artikelen 310, 311, 312, 317, 321 en 326 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: SR), subsidiair heling van deze lijsten met persoonsgegevens en een poging tot het overdragen van twee vuurwapens (zaak met parketnummer 10-054078-25).\n\nDe volledige tenlastelegging houdt in dat de verdachte:\n\nParketnummer 10-156385-23\n\nFeit 1\n\nprimair\n: op of omstreeks 24 april 2023 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededaders voorgenomen misdrijf om opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade een ander, te weten [slachtoffer] en/of NN- [slachtoffer] van het leven te beroven, meermalen, althans eenmaal met een vuurwapen in de richting van die [slachtoffer] en/of NN- [slachtoffer] heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;\n\nsubsidiair\n: op of omstreeks 24 april 2023 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen [slachtoffer] en/of NN- [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door meermalen, althans eenmaal met een vuurwapen in de richting van die [slachtoffer] en/of NN- [slachtoffer] te schieten;\n\nFeit 2\n\nop of omstreeks 24 april 2023 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen een pistool en/of de daarbij behorende munitie (kaliber 9 mm)\n\nin elk geval een wapen en/of munitie van categorie II en/of III van de Wet wapens en munitie, voorhanden heeft gehad;\n\nParketnummer 10-054078-25\n\nFeit 1\n\nprimair\n: op een of meer tijdstippen, in de periode van 26 april 2023 tot en met 30 april\n\n2023 te Rotterdam, althans in Nederland, meermalen, althans éénmaal, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen stoffen, voorwerpen en/of gegevens, te weten (onder meer)\n\n*(bestand(en) met leads (lijsten), elk bevattende een (groot) aantal persoonsgegevens van derden heeft ontvangen, zich heeft verschaft, overgedragen, verworven, vervoerd, ingevoerd, verspreid, anderszins ter beschikking gesteld en/of voorhanden heeft gehad,\n\ndie bestemd waren tot het plegen van een misdrijf omschreven in een van de\n\nartikelen 310, 311, 312, 317, 321 en 326 van het Wetboek van Strafrecht;\n\nsubsidiair\n: op een of meer tijdstippen, in de periode van 26 april 2023 tot en met 30 april\n\n2023 te Rotterdam, althans in Nederland, meermalen, althans éénmaal, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), althans alleen, niet-openbare gegevens, te weten:\n\n*(bestand(en) met leads (lijsten), elk bevattende een (groot) aantal persoonsgegevens van derden via Telegram heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte, ten tijde van de verwerving en/of het voorhanden krijgen van deze gegevens wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze door misdrijf waren verkregen.\n\nFeit 2\n\nin de periode van 2 januari 2022 tot en met 28 maart 2023, te Rotterdam, althans\n\nin Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om een of meer vuurwapens over te dragen, (al dan niet door tussenkomst van een of meer anderen) afspraken heeft gemaakt over de verkoop van vuurwapen(s) van categorie III, te weten 2 Glocks, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.\n\n2\nBewijs\n\n2.1.\n\nVordering van de officier van justitie\n\nDe officier van justitie heeft gevorderd dat het medeplegen van de poging tot moord op [slachtoffer] en het medeplegen van het bezit van een semi-automatisch pistool en munitie (zaak met parketnummer 10-156385-23) bewezen worden verklaard. Ook kan bewezen worden verklaard het medeplegen van het voorhanden hebben van lijsten met persoonsgegevens van derden en het medeplegen van een poging tot het overdragen van twee vuurwapens (zaak met parketnummer 10-054078-25).\n\n2.2.\n\nConclusie van de verdediging\n\nDe verdediging heeft vrijspraak bepleit voor alle feiten. Het standpunt van de verdediging zal, indien nodig, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.\n\n2.3.\n\nOordeel van de rechtbank\n\n2.3.1.\n\nOntslag van alle rechtsvervolging\n\nDe rechtbank ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging voor feit 1 primair in de zaak met parketnummer 10-054078-25, nu dit feit weliswaar bewezen is, maar niet gekwalificeerd kan worden als het tenlastegelegde strafbare feit van artikel 234 SR.\n\nDe officier van justitie heeft ten laste gelegd dat de verdachte leadslijsten (onder andere) voorhanden heeft gehad die bestemd waren tot het plegen van één der misdrijven als omschreven in de artikelen 310, 311, 312, 317, 321 en 326 SR.\n\nBij wet van 25 februari 2021 zijn ter implementatie van de EU Richtlijn 2019/713 Bestrijding van fraude met en vervalsing van niet-contante betaalmiddelen, aan de opsomming van misdrijven in artikel 234 SR de voornoemde misdrijven toegevoegd,\nvoor zover deze feiten betrekking hebben op de verkrijging van een niet-contant betaalinstrument\n. Dit laatste onderdeel ontbreekt in de tenlastelegging. Los van de vraag of dit onderdeel te bewijzen is, is het een essentieel onderdeel van de delictsomschrijving. De rechtbank kan het feit zonder dit onderdeel weliswaar bewijzen, maar niet kwalificeren.\n\nNu dit feit onder het primair ten laste gelegde niet tot een veroordeling leidt, wordt onder 2.3.2. de bewezenverklaring van de onder dit feit subsidiair ten laste gelegde opzet- of schuldheling besproken.\n\n2.3.2.\n\nBewezenverklaring en bewijsmiddelen\n\nBewezen is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan:\n\nHet medeplegen van een poging tot moord op [slachtoffer] ;\n\nHet medeplegen van het voorhanden hebben van een pistool en munitie;\n\nHet voorhanden hebben van lijsten met persoonsgegevens van derden terwijl de verdachte redelijkerwijs moest vermoeden dat deze van misdrijf afkomstig waren;\n\nEen poging tot het overdragen van twee vuurwapens.\n\nDe volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.5.\n\nDe bewezenverklaring van de feiten is gebaseerd op de in bijlage 1 opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen\nen – voor de feiten in de zaak met parketnummer 10-156385-23 en voor feit 1 subsidiair in de zaak met parketnummer 10-054078-25 – de onderstaande nadere bewijsmotiveringen.\n\n2.3.3.\n\nNadere bewijsmotivering schietincident 24 april 2023\n\nTwee schoten\n\nHet in de tenlastelegging bedoelde schietincident vond plaats op de Witte de Withstraat in Rotterdam in de nacht van 24 april 2023. Er zijn in die nacht met een vuurwapen twee schoten gelost. De tenlastelegging heeft betrekking op het tweede schot. De verdediging heeft betwijfeld of er wel sprake is geweest van een tweede schot.\n\nOp de beelden van Wijnbar het Eigendom gelegen aan de Witte de Withstraat wordt waargenomen dat er, nadat het eerste schot ter hoogte van de Spar aan de Witte de Withstraat is gelost, een man met recht voor zich uit uitgestrekte armen en met een voorwerp in zijn handen op borsthoogte richt in de richting van een wegrennende man, waarna een lichtflits voor zijn borst waarneembaar is en tegelijkertijd een knal te horen is. Dit is het tweede schot.\n\nHerkenning slachtoffer [slachtoffer]\n\nVastgesteld wordt dat de wegrennende man op wie is geschoten [slachtoffer] is, op grond van zijn eigen verklaring ter plaatse tegenover de politie en de gelijkenis tussen de foto’s van hem ter plaatse en de foto’s die van [slachtoffer] bij zijn politieverhoor op 14 maart 2024 zijn gemaakt.\n\nVerklaring moeder verdachte\n\nDe verdediging heeft aangevoerd dat de verklaring van de moeder van de verdachte tegenover de politie over de herkenning van haar zoon niet voor het bewijs gebruikt mag worden, omdat zij niet is gewezen op haar verschoningsrecht.\n\nDit verweer wordt verworpen.\n\nDe moeder van de verdachte heeft op 26 juni 2023 kort nadat zij de beelden, gemaakt van binnenuit de Spar aan de Witte de Withstraat in de nacht van 24 april 2023, getoond via het programma Bureau Rijnmond, had gezien op eigen initiatief telefonisch contact gezocht met de wijkagent. Zonder dat zij daarnaar werd gevraagd heeft zij aan de wijkagent verteld dat zij haar zoon (de verdachte) herkent op de beelden van Bureau Rijnmond. Gelet op deze gang van zaken was geen sprake van een verhoorsituatie waarin zij op haar verschoningsrecht had moeten worden gewezen. Op diezelfde dag is er nogmaals telefonisch contact geweest tussen de politie en de moeder van de verdachte. Toen is haar verteld dat zij geen belastende verklaring over haar zoon hoefde af te leggen. Desalniettemin verklaarde zij opnieuw dat zij haar zoon herkende op de beelden. De verklaring van de moeder van de verdachte bij de rechter-commissaris is in een later stadium afgelegd. Hoewel zij daarin minder stellig is, ontkent zij ook dan niet dat ze haar zoon op de camerabeelden heeft herkend. De rechtbank acht de eerste twee spontaan afgelegde verklaringen geloofwaardig en zal deze gebruiken voor het bewijs.\n\nIdentificatie verdachte, voorbedachte raad en medeplegen\n\nOp camerabeelden die zijn verspreid van de persoon die het tweede schot zou hebben gelost, is de verdachte herkend door zijn moeder.\n\nOok heeft de verdachte in een telefoongesprek met zijn vader verklaard dat hij zichzelf op de verspreide beelden heeft herkend. Daarnaast is gebleken dat de telefoon van de verdachte zich rond het tijdstip van de schietpartij bevond onder het bereik van de zendmast van de Witte de Withstraat en dat de verdachte eerder die avond de bestuurder was van de Volkswagen Polo met kenteken [kentekennummer] . Na het schietincident stapte de schutter van het tweede schot in op de bestuurdersplaats van deze auto. Op basis van al deze omstandigheden wordt vastgesteld dat het de verdachte is geweest die het tweede schot heeft gelost.\n\nNadat het eerste schot voor de Spar is gelost, springt de verdachte in eerste instantie weg van degene die geschoten heeft en rent vanaf de stoep de straat op, tussen de auto´s door. Hij rent vervolgens terug en steekt met uitgestrekte armen weer terug de straat over richting de kruising van de Witte de Withstraat met de Zwarte Paardenstraat. Daar heeft de verdachte contact met de eerste schutter en krijgt hij het wapen overgedragen. De verdachte rent daarna over de stoep langs de Spar, steekt de Witte de Withstraat weer over en rent aan de overkant achter [slachtoffer] aan. De verdachte richt het wapen en schiet in de richting van [slachtoffer] . Gelet op al deze omstandigheden, in het bijzonder het terugrennen om het vuurwapen bij de eerste schutter ‘op te halen’, heeft de verdachte de gelegenheid gehad om na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven. Daarmee heeft de verdachte met voorbedachte raad gehandeld.\n\nGelet op de overdracht van het wapen door de eerste schutter aan de verdachte en het kort daarna door de verdachte zelf gebruiken van dat wapen, is sprake van medeplegen.\n\n2.3.4.\n\nNadere bewijsmotivering schuldheling leadslijsten\n\nDe in verdachtes telefoon aangetroffen leadslijsten met persoonsgegevens kunnen niet anders dan van misdrijf afkomstig zijn, nu het om gegevens gaat die niet vrij beschikbaar zijn, maar verkregen worden door het onrechtmatig binnendringen van databestanden van bedrijven of instellingen. Gelet op de aard van de aangetroffen leadslijsten, had de verdachte moeten vermoeden dat deze leadslijsten afkomstig waren van een dergelijk voorafgaand misdrijf.\n\n2.3.5.\n\nVolledige bewezenverklaring\n\nBewezen is dat de verdachte:\n\nParketnummer 10-156385-23\n\nFeit 1 primair\n\nop 24 april 2023 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om opzettelijk en met voorbedachten rade een ander, te weten [slachtoffer] van het leven te beroven, met een vuurwapen in de richting van die [slachtoffer] heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;\n\nFeit 2\n\nop 24 april 2023 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander een pistool en de daarbij behorende munitie (kaliber 9 mm), in elk geval een wapen en munitie van categorie II of III van de Wet wapens en munitie, voorhanden heeft gehad;\n\nParketnummer 10-054078-25\n\nFeit 1 subsidiair\n\nin de periode van 26 april 2023 tot en met 30 april 2023 in Nederland, meermalen, niet-openbare gegevens, te weten:\n\n*bestanden met leads lijsten, elk bevattende persoonsgegevens van derden via Telegram heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte, ten tijde van de verwerving en het voorhanden krijgen van deze gegevens redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze door misdrijf waren verkregen;\n\nFeit 2\n\nin de periode van 2 januari 2022 tot en met 28 maart 2023, te Rotterdam, althans\n\nin Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om vuurwapens over te dragen, afspraken heeft gemaakt over de verkoop van vuurwapens van categorie III, te weten 2 Glocks, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.\n\n3\nKwalificatie en strafbaarheid\n\n3.1.\n\nKwalificatie\n\nDe bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:\n\nParketnummer 10-156385-23\n\nEendaadse samenloop van:\n\nFeit 1 primair:\n\nmedeplegen van poging tot moord\n\nen\n\nFeit 2:\n\nmedeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II of een vuurwapen van categorie III van die wet\n\nen\n\nmedeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie\n\nParketnummer 10-054078-25\n\nFeit 1 subsidiair:\n\nniet-openbare gegevens verwerven en voorhanden hebben, terwijl hij ten tijde van de verwerving en het voorhanden krijgen van deze gegevens redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze door misdrijf zijn verkregen, meermalen gepleegd\n\nFeit 2:\n\npoging tot handelen in strijd met artikel 31, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III van die wet, meermalen gepleegd\n\n3.2.\n\nStrafbaarheid van de feiten en van de verdachte\n\nDe feiten en de verdachte zijn strafbaar.\n\n4\nStraf\n\n4.1.\n\nEis van de officier van justitie\n\nDe verdachte moet voor alle feiten worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 7 jaar, met aftrek van voorarrest.\n\n4.2.\n\nStandpunt van de verdediging\n\nVanwege het tijdsverloop en de jonge leeftijd van de verdachte is een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest passend.\n\n4.3.\n\nOordeel van de rechtbank\n\n4.3.1.\n\nErnst en omstandigheden van de feiten\n\nDe verdachte heeft ’s nachts in een druk uitgaansgebied in het centrum van Rotterdam met een vuurwapen (een pistool) in de richting van een man geschoten. Dit gebeurde nadat een medeverdachte kort daarvoor met hetzelfde pistool op een andere man had geschoten. De verdachte is naar deze medeverdachte gerend en heeft het vuurwapen van hem overgenomen. De verdachte heeft met dit vuurwapen het slachtoffer achtervolgd en op hem geschoten. Door zijn handelen heeft de verdachte ernstig inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Het is een geluk dat het slachtoffer niet door de afgevuurde kogel is geraakt. Op het moment van het schietincident waren er nog vrij veel andere mensen op straat. Op de camerabeelden is zichtbaar dat meerdere mensen schrikken en wegrennen. Vlak voor het slachtoffer uit liep een vrouw die bij het horen van het eerste schot begon te rennen. Slechts 16 seconden later viel het tweede schot. Zij liep voor het slachtoffer uit en dus direct in de baan van de afgeschoten kogel. Zij en andere aanwezige mensen hadden zomaar ook geraakt kunnen worden. Dergelijke situaties versterken bovendien voor de directe omwonenden, mensen in het uitgaansgebied en de samenleving in het algemeen gevoelens van onveiligheid. Het ongecontroleerde bezit van een vuurwapen brengt in het algemeen een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich mee.\n\nOok zijn op een telefoon van de verdachte chatgesprekken gevonden waarin hij lijsten met persoonsgegevens ontvangt, met het kennelijke doel door middel van zogenaamde ‘vriend-in-nood-fraude’ mensen op te lichten. Uit de Telegram-chatgesprekken blijkt dat de leadlijsten specifiek persoonsgegevens van oudere mensen bevatten. Gebleken is dat de verdachte duizenden sms-berichten heeft verzonden waarin hij zich voordeed als zoon of dochter van potentiële slachtoffers. De verdachte is hierbij uitsluitend uit geweest op financieel gewin en heeft daarbij op geen enkel moment stil gestaan bij de gevolgen die zijn handelen voor potentiële slachtoffers teweeg kunnen brengen. Deze vorm van oplichting heeft grote negatieve gevolgen voor het vertrouwen van mensen in het digitaal verkeer en het gevoel van veiligheid en vertrouwen in de medemens.\n\nVerder heeft de verdachte geprobeerd om twee vuurwapens (Glocks) te verkopen. Het in omloop brengen van wapens vormt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen en brengt gevoelens van onveiligheid in de samenleving met zich mee. De verdachte heeft zich hierbij kennelijk uitsluitend laten leiden door zijn eigen financiële gewin en heeft zich niets aangetrokken van het gegeven dat vuurwapens doorgaans gebruikt worden voor het plegen van zeer ernstige misdrijven en dus grote schade kunnen aanrichten.\n\n4.3.2.\n\nPersoon en persoonlijke omstandigheden\n\nStrafblad\n\nUit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 19 juni 2026 blijkt dat de verdachte, die thans 21 en ten tijde van de gepleegde delicten 19 jaar oud was, niet eerder onherroepelijk was veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.\n\nTerwijl de verdachte voor het onderhavige feit in voorlopige hechtenis zat, heeft hij wel een nieuw delict gepleegd, waarvoor hij op 13 januari 2024 is veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar waarvan een jaar voorwaardelijk. Hiermee wordt rekening gehouden op de wijze die bepaald is in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht.\n\nOverige persoonlijke omstandigheden\n\nDe verdachte verblijft op dit moment in detentie vanwege een veroordeling in een andere zaak. Omdat hij in die zaak naar verwachting in juli 2026 vrijkomt, is hij aan de slag gegaan met de reclassering. Inmiddels is er huisvesting geregeld via begeleid wonen. Als hij weer vrijkomt, wil hij zijn opleiding bij Zadkine afronden en met hulp van de reclassering een baan zoeken.\n\nVanwege de ernst van de bewezen delicten en de daarbij passende straf kan hiermee echter geen rekening worden gehouden.\n\nDe combinatie van de poging tot moord, de poging tot verkoop van vuurwapens en het voorhanden hebben van lijsten met persoonsgegevens, waarvan bekend is dat deze worden gebruikt om met name oudere mensen op te lichten, is zeer zorgelijk. De verdachte bevindt zich kennelijk in de georganiseerde criminaliteit.\n\n4.3.3.\n\nRedelijke termijn\n\nDe redelijke termijn van berechting is in dit geval gestart op 27 juni 2023, omdat de verdachte toen in verzekering is gesteld. Tot aan dit vonnis is een periode van iets meer dan drie jaar verstreken. Omdat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden, is de redelijke termijn in deze zaak twee jaar. Dat betekent dat de redelijke termijn is geschonden. Daarvoor zal een strafkorting worden gegeven.\n\n4.3.4.\n\nOplegging straf\n\nGelet op de ernst van de strafbare feiten en alle verdere hiervoor genoemde omstandigheden is een gevangenisstraf noodzakelijk. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Bij het bepalen van die strafsoort en de duur daarvan is ook rekening gehouden met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd.\n\nVanwege de jeugdige leeftijd van verdachte zal een lagere gevangenisstraf worden opgelegd dan door de officier van justitie is geëist, namelijk een gevangenisstraf van 6 jaar met aftrek van voorarrest. Bij deze straf is rekening gehouden met de overschrijding van de redelijke termijn.\n\nDe gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.\n\n5\nIn beslag genomen voorwerpen\n\n5.1.\n\nStandpunt van de officier van justitie\n\nDe officier van justitie heeft gevorderd dat de in beslag genomen voorwerpen worden onttrokken aan het verkeer.\n\n5.2.\n\nStandpunt van de verdediging\n\nDe raadsman heeft geen opmerkingen gemaakt over het beslag.\n\n5.3.\n\nOordeel van de rechtbank\n\nDe rechtbank zal de in beslag genomen voorwerpen (een Samsung telefoon, 14 simkaarten en een Packard Bell computer) onttrekken aan het verkeer. De strafbare feiten zijn met behulp van deze voorwerpen begaan en het ongecontroleerde bezit daarvan is in strijd met het algemeen belang.\n\n6\nVoorlopige hechtenis\n\nDe voorlopige hechtenis van de verdachte is met ingang van 12 maart 2024 geschorst.\n\nDe officier van justitie heeft gevorderd de schorsing van de voorlopige hechtenis bij de uitspraak op te heffen.\n\nDe verdediging heeft verzocht de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte niet op te heffen.\n\nDe rechtbank wijst het verzoek van de officier van justitie toe en het verzoek van de verdediging af, omdat de strafvorderlijke belangen bij het opheffen van de schorsing zwaarder wegen dan de persoonlijke belangen van de verdachte. De verdachte heeft tijdens zijn voorarrest in deze zaak een nieuw delict gepleegd waarvoor hij inmiddels is veroordeeld en nog steeds in voorlopige hechtenis zit. Dat betekent dat de verdachte kort na zijn schorsing in deze zaak opnieuw vast is komen te zitten en dat geen sprake is van persoonlijke ontwikkelingen van de verdachte die het strafvorderlijk belang in de weg staan. Daarnaast wordt de verdachte bij dit vonnis tot een aanzienlijke gevangenisstraf veroordeeld voor een zeer ernstig feit waardoor de maatschappij ernstig is geschokt. De schorsing van de voorlopige hechtenis zal daarom worden opgeheven.\n\n7\nVordering van de benadeelde partij\n\n[benadeelde] heeft als benadeelde partij € 2.677,72 gevorderd als vergoeding voor materiële schade en € 8.000,00 als vergoeding voor immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.\n\nDe rechtbank verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering, omdat de verdachte niet wordt vervolgd voor het feit waarvoor schadevergoeding is gevorderd.\n\nDe rechtbank veroordeelt de benadeelde partij in de proceskosten die de verdachte heeft gemaakt bij de verdediging van de vordering. Deze kosten worden tot vandaag begroot op nihil.\n\n8\nWettelijke voorschriften\n\nDe oplegging van de straf en maatregel is gebaseerd op de artikelen 36b, 36c, 45, 47, 55, 57, 63, 139g en 289 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26, 31 en 55 van Wet wapens en munitie.\n\n9\nBeslissingen\n\nDe rechtbank:\n\nOntslag van alle rechtsvervolging\n\nontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging voor feit 1 primair in de zaak met parketnummer 10-054078-25;\n\nBewezenverklaring\n\nverklaart bewezen dat de verdachte feit 1 primair en feit 2 in de zaak met parketnummer 10-156385-23 en feit 1 subsidiair en feit 2 in de zaak met parketnummer 10-054078-25, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;\n\nKwalificatie en strafbaarheid\n\nstelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert de in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feiten;\n\nverklaart de verdachte strafbaar;\n\nStraf\n\nGevangenisstraf\n\nveroordeelt de verdachte tot een\ngevangenisstraf van 6 jaar;\n\nbeveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;\n\nIn beslag genomen voorwerpen\n\n- verklaart voor de feiten in de zaak met parketnummer 10-054078-25 onttrokken aan het verkeer:\n\n* 1 STK Telefoontoestel (B.1.1.2.1, zwart, merk: Samsung);\n\n* 14 STK Simkaart van zaktelefoon (Lebara);\n\n* 1 STK Computer (B.1.1.4.1, zwart, merk: Packard bell).\n\nVoorlopige hechtenis\n\nheft op de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte;\n\nVordering benadeelde partij\n\nverklaart de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering;\n\nveroordeelt de benadeelde partij in de kosten die de verdachte heeft gemaakt voor de verdediging tegen de vordering, en begroot deze kosten op nihil.\n\n10\nSamenstelling rechtbank en ondertekening\n\nDit vonnis is gewezen door:\n\nmr. G.C. Bos, voorzitter,\n\nen mrs. M.K. Asscheman-Versluis en L. Stevens, rechters,\n\nin tegenwoordigheid van mr. V.J.H. Mooren, griffier,\n\nen uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 6 juli 2026.\n\nMr. Asscheman-Versluis is niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.\n\nDe exacte vindplaatsen van de bewijsmiddelen zijn genoemd in de bijbehorende voetnoot. Als wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het zaaksdossier PAREL (10-156385-23) en uit het zaaksdossier PAREL Heling gegevens art. 139g Sr (10-054078-25).","changes":[]}